Menu

‘Ik kan nu kiezen wat ik doe met mijn energie’

Cleo Valkenburg – Amersfoort

6 jaar geleden kwamen Cleo Valkenburg en haar zoon bij haar man Marcel en zijn 2 kinderen in Amersfoort wonen. “We moesten wel een beetje inschuiven in dit huis”, vertelt Cleo over het samengestelde gezin. “De kinderen delen de 1ste verdieping en Marcel en ik hebben de zolderverdieping.” Cleo is blij met de ruimte die zij en Marcel hebben. Maar toen zij ziek werd, moest er dus wel een traplift komen voor 2 verdiepingen.

Vorig jaar zomer stond Cleo nog voor de kleuterklas van het speciaal onderwijs. “Ik werkte met ‘puzzelkindjes’, waar je echt per kind moest kijken hoe je te werk gaat. Ik was gespecialiseerd in kinderen met taalontwikkelingsachterstanden. Daarbij gebruikte ik bijvoorbeeld gebaren, maar dat kan ik nu niet meer”, vertelt Cleo terwijl ze haar vingers laat zien. Ze draagt aan beide handen orthesen: metalen spalken in de vorm van ringen. Deze ringen voorkomen dat haar vingers naar achteren klappen.

‘Van top tot teen heb ik van alles’

Dat Cleo’s vingers dubbel kunnen klappen, komt door hypermobiliteit. Haar spieren en gewrichten zijn te flexibel, wat voor overbelasting in haar handen kan zorgen. Maar dat is niet haar enige aandoening: “Van top tot teen heb ik van alles.” Zo heeft ze ziekte van Ledderhose, waarbij knobbels in haar voeten ervoor zorgen dat lopen pijnlijk is. En ze heeft last van artrose in haar handen en voeten en het bot in 1 teen sterft af. Verder heeft ze ook fibromyalgie, chronische pijn in de spieren en het bindweefsel, en (vestibulaire) migraine. “Ik heb niks ergs, ik kan er 100 mee worden. Maar ik heb wel pijn en gewoon geen puf meer.”

Maar het vervelendst vindt ze dat ze door haar ziekten geen plannen meer kan maken. “Soms word ik ’s ochtends wakker en heb ik veel energie. Maar als ik dan heb gedoucht heb ik al geen energie meer om mij aan te kleden.” Ze kijkt nu van moment tot moment wat ze wel of niet kan doen.

Cleo Valkenburg in haar tuin

Het huis aanpassen of verhuizen?

“We hebben altijd gezegd dat als de kinderen het huis uit zijn, we de stad uit zouden gaan. Ik wil het liefst een grote tuin, met een moestuin en geiten. Maar in de tuin werken kan ik nu toch niet.” Daarom besloten Marcel en Cleo in dit huis te blijven wonen en het voor Cleo aan te passen. Eén van die aanpassingen is de traplift. “Vóór de traplift, kwam ik ’s avonds alleen op handen en voeten nog de trap op. Dat was heel confronterend.” Nu gaat Cleo met de traplift naar boven als ze te veel pijn of geen energie meer heeft.

Een traplift aan de binnenkant

Via de gemeente kon Cleo een traplift krijgen voor 1 verdieping en aan de buitenzijde van de trap. De traplift zou dan op de brede kant van de treden staan. “Onze trap is smal. Dat betekent dat de rest van het gezin dus over die hele kleine driehoekjes zou moeten lopen”, vertelt Cleo. Dat was geen optie. “Daarom wilden we graag een Otolift, omdat die wél aan de binnenkant van de trap kan.”

Met een pgb (persoonsgebonden budget) van de gemeente en een eigen bijdrage, kon ze de traplift kopen die ze wilde. “Als ik voor een traplift in natura was gegaan, hadden Marcel en ik afstand moeten doen van onze hele grote, mooie zolderverdieping. Dan hadden we naar een kleinere kamer gemoeten waar onze meubels niet inpassen. De traplift was echt een investering in het huis. Nu kunnen we hier nog een hele poos fijn blijven wonen.”

Hoewel Cleo het vervelend vindt dat ze op jonge leeftijd al hulpmiddelen nodig heeft, is ze ook blij dat ze de middelen heeft. Over de traplift vertelt ze: “Ik kan nu soms kiezen wat ik doe met mijn energie. Laatst ben ik zelfs een stukje gaan fietsen op de elektrische fiets!”

Meer klantverhalen

Bekijk hier alle klantverhalen