Menu

Thuiszorg voor ouderen

Ruim 600.000 mensen in Nederland ontvangen thuiszorg. Zij krijgen voor een korte of lange periode zorg of verpleging in hun eigen woning. Als we thuiszorg zeggen, dan hebben we het eigenlijk over wijkverpleging, de officiële naam voor deze vorm van zorg. Mensen van alle leeftijden kunnen thuisverpleging en -zorg ontvangen. Toch is maar liefst 75% van deze ontvangers ouder dan 67 jaar. Zo blijkt uit cijfers van Vektis, een informatiecentrum voor de zorg. Ouderen zijn daarmee de belangrijkste doelgroep voor de zorg aan huis.

Wat doet de thuiszorg?

Thuiszorg bestaat er in twee vormen: persoonlijke verzorging en verpleging. Onder persoonlijke verzorging verstaan we onder andere hulp bij het douchen, aankleden en eten. Bij verpleging wordt er hulp geboden in de vorm van bijvoorbeeld wondverzorging, verzorging van een stoma en het geven van medicijnen. De meeste mensen krijgen hulp bij verzorging én verpleging. Huishoudelijke hulp valt niet onder thuiszorg. Wie hulp nodig heeft bij het opruimen of schoonmaken van de woning, kan hiervoor terecht bij de thuishulp. Welke zorg iemand thuis krijgt, is afhankelijk van de indicatie die gegeven wordt door de wijkverpleegkundige. Samen met de zorgontvanger overlegt de wijkverpleegkundige welke hulp er nodig is. Thuiszorg voor ouderen kan er anders uitzien dan thuiszorg voor kinderen of jongvolwassenen. Daarnaast is de wijkverpleegkundige ook verantwoordelijk voor het geven van voorlichting en het begeleiden van mensen met psychosociale problemen (zoals gezinsproblemen, stress en verslavingen). Gemiddeld duurt de wijkverpleging 6 maanden, maar het kan ook blijvend zijn.

Thuiszorg voor ouderen bestaat vaak uit persoonlijke verzorging, zoals helpen met aankleden.

Lokaal georganiseerde zorg aan huis voor ouderen

In veel gemeenten zijn er tegenwoordig speciale wijkteams opgericht. Zo’n team is verantwoordelijk voor de ondersteuning, de zorg en het welzijn van een specifieke wijk of verschillende wijken. Het idee achter lokaal georganiseerde zorg is dat het beter, sneller en goedkoper is. Een wijkteam bestaat namelijk uit verschillende zorgmedewerkers met uiteenlopende achtergronden. Samen overleggen zij welke zorg er aangeboden wordt. De wijkverpleegkundige heeft hierin een belangrijke rol. Vaak verbindt de wijkverpleegkundige namelijk de zorgaanbieders (zoals het ziekenhuis en de huisarts) met de zorgmedewerkers in de wijk. Hierdoor krijgt de zorgvrager altijd de juiste zorg.

Zorg voor ouderen is een belangrijk onderdeel van het werk van een wijkteam. De gemiddelde leeftijd van de zorgvrager is namelijk 75 jaar, zo blijkt uit cijfers van de landelijke kennisorganisatie voor langdurige zorg Vilans. Vrouwen zijn met een gemiddelde van 77 jaar vaak iets ouder dan mannen, die vaak vanaf 73 jaar om hulp vragen. Wat de thuiszorg precies doet voor ouderen, is afhankelijk van de persoon en de zorgvraag. Omdat het aantal ouderen ook de komende jaren stijgt, is het belangrijk dat er bij de wijkverpleging voldoende kennis is om aan de zorgvraag te kunnen voldoen.

Thuiszorg voor ouderen om langer thuis te wonen

Wijkverpleging helpt ouderen om zo lang mogelijk zelfstandig thuis te blijven wonen. Het is dan ook onderdeel van het overheidsprogramma ‘Langer Thuis’. De overheid heeft 340 miljoen euro beschikbaar gesteld voor onder andere het verbeteren van thuiszorg en ondersteuning thuis. Dat heeft ermee te maken dat zorg thuis in veel gevallen een betere optie is dan zorg in een zieken- of verpleeghuis. Vanwege de kosten van de zorg en het welzijn van de persoon. Uit meerdere onderzoeken blijkt dat een ziekenhuisopname risico’s met zich meebrengt voor ouderen. De combinatie van het ouder worden, een ziekenhuisopname en veel bedrust zorgt bij veel senioren voor een vermindering van de zelfstandigheid. Daarnaast hebben ouderen in ziekenhuizen en verpleeghuizen een groter risico om te vallen. Bij verpleeghuizen is dat risico twee- tot zesmaal zo hoog en bij ziekenhuizen driemaal zo hoog als bij thuiswonende ouderen. Zo schrijft de Nederlandse Vereniging voor Klinische Geriatrie (NVKG) in de Richtlijn Preventie van valincidenten bij ouderen. Dat is een groot probleem, omdat een val op hoge leeftijd verschillende gezondheidsproblemen met zich mee kan brengen.

Het ontstaan van de wijk- en thuisverpleging

Dat er thuis zorg geboden wordt aan ouderen en (chronisch) zieken, lijkt vanzelfsprekend. Toch is dat niet altijd zo geweest. Florence Nightingale (1820 – 1910), een Engelse ziekenverpleegster, wordt gezien als de grondlegger van de verpleging. Zij zag het als haar levensmissie om de verzorging van zieken te verbeteren. De Nederlandse koningin Sophie (de eerste echtgenoot van Koning Willem III) vroeg haar om advies, aldus het Florence Nightingale Instituut (FNI). Pas in de 19e eeuw wordt er in Nederland zorg aan huis geboden. Eerst vanuit de armenzorg, omdat de overheid van mening was dat het lot van armen ‘verzacht’ moest worden. Daar viel ook verpleging en hulp in huis onder. Waar de zorg in het begin voornamelijk geregeld werd vanuit de kerk, werd dit later overgenomen door onafhankelijke organisaties zoals het Witte en het Groene Kruis. Tegenwoordig volgen de thuisverpleegkundigen eerst een opleiding voor zij aan het werk gaan.

De thuisverpleging regelt zorg voor ouderen aan huis.

Vergoeding van de thuiszorg

De kosten voor wijkverpleging worden elk jaar hoger. In 2018 kostte de thuisverpleging en – zorg bijvoorbeeld 3,6 miljard euro, terwijl dat in 2015 nog op 3,1 miljard lag. De grootste kostenpost hierbij is de zorg voor ouderen, aldus Vektis. Gemiddeld werd er in 2018 6.200 euro per persoon uitgegeven aan de zorg thuis. Voor vrouwen (6.500 euro per persoon) liggen de kosten hoger dan voor mannen (5.600 euro per persoon). Dat heeft ermee te maken dat meer vrouwen thuiszorg en thuisverpleging ontvangen, ze ouder worden en dat ze vaker te maken krijgen met chronische ziekten. De kosten voor de verzorging thuis hoeven niet volledig door de ontvanger zelf betaald te worden. Vaak wordt er wel om een eigen bijdrage gevraagd. Afhankelijk van de zorg die gegeven wordt, zijn hier wetten en regelingen voor genomen.

  • Wordt er verpleegkundige zorg gegeven? Dan vergoedt de zorgverzekeraar de kosten voor de thuisverpleging via de Zorgverzekeringswet (Zvw).
  • Is er persoonlijke verzorging nodig om thuis te kunnen blijven wonen? Dan is de gemeente verantwoordelijk via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
  • Is er zware, intensieve zorg nodig? Dan wordt dit vergoed vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz). De zorg wordt hierbij direct betaald met belastinggeld.

Zelfstandige thuisverpleegkundigen

In veel gevallen wordt thuisverpleging en -zorg gegeven vanuit een thuiszorgbedrijf. Maar het is ook mogelijk om zelfstandige thuisverpleging in te huren. Dat kan met een persoonsgebonden budget (pgb) als dat vanuit de Zvw, Wmo of Wlz is gegeven. De zorgverzekeraar, gemeente of uitvoerder van de Wlz kiest dan geen thuiszorgbedrijf, maar laat dit over aan de oudere zelf. Het is ook mogelijk om de zelfstandige thuisverpleegkundige met eigen geld te betalen. Bij privé verpleging aan huis bepaalt de zorgvrager zelf wanneer en hoeveel zorg er nodig is. Is er langdurig intensieve zorg nodig? Dan kan er ook gekozen worden voor een inwonende verpleegkundige.

Zorg voor ouderen: thuiszorg is de basis

Hoewel wijkverpleging in Nederland nog niet zo heel lang bestaat, is het inmiddels wel een bekend en belangrijk begrip geworden. Het is een groot onderdeel van de hervorming van de zorg, waarbij een hogere kwaliteit en lagere kosten centraal staan. Daarom wordt hulp dichtbij georganiseerd, zodat de oudere in de vertrouwde omgeving kan blijven wonen en thuis de hulp krijgt die nodig is. Dat ouderen langer thuis blijven wonen komt niet alleen vanuit de overheid. Ook de oudere zelf is hier in de meeste gevallen een groot voorstander van. Als thuis blijven wonen écht niet meer gaat, dan is verhuizing naar een verpleeghuis altijd nog een mogelijkheid.

Meer over langer thuis wonen

Of ga terug naar het thema: Langer thuis